Gebruik meerdere aanwijzingen om een single, EP of 12-inchuitgave te herkennen: diameter, label, snelheid, tracklijst, catalogusnummer en uitloopgroef. Een plaat van zeven inch is vaak een single, maar de maat bewijst geen snelheid of categorie. “Album” is een commerciële omschrijving; LP is een formaat.
DiscSnap kan op basis van een hoes- of labelfoto een kandidaat voorstellen. De iPhone-vermelding noemt LP, single en hoes; Google Play beschrijft foto’s van hoes en label. Dat garandeert niet dat elk formaat wordt herkend. Controleer de fysieke plaat voordat je haar bevestigt.
Begrippen, maat en snelheid
Een single heeft meestal weinig nummers; een EP zit tussen single en album. “12 inch” zegt eerst alleen iets over de diameter en kan een single, maxi, EP, remix of album zijn. Meet de plaat, niet de hoes: ongeveer 18 cm voor 7”, 25 cm voor 10” en 30 cm voor 12”. Lees de snelheid op het label: veel 7-inchplaten draaien op 45 rpm, maar sommige op 33⅓; 12 inch kan beide gebruiken.
De Discogs-formatrichtlijnen scheiden drager, aantal en beschrijving. Daar betekent LP een 12-inchvinylplaat op 33 rpm; het betekent niet automatisch album. Gebruik de plaat die je bezit als primaire bron.
| Aanwijzing | Helpt bij | Bewijst niet |
|---|---|---|
| Diameter | fysieke maat | snelheid of categorie |
| Label | catalogus, snelheid, nummers | exacte persing |
| Tracklijst | structuur | vaste single/EP-grens |
| Hoes | verpakking | inhoud |
| Runout | snij-indicatie | waarde of echtheid |
Label, scan en runout controleren
Fotografeer beide labels en noteer artiest, titel, label, catalogus, copyright, snelheid en zijde. Vergelijk A- en B-nummers, remixes, instrumentals en eenzijdige platen. De algemene Discogs-regels vragen om de exacte fysieke uitgave; dat is ook een goede regel voor je collectie.
Een hoesfoto helpt bij artiest en titel; een labelfoto scheidt gelijkende edities. Vergelijk een DiscSnap-suggestie met diameter, aantal platen en tracklijst. De openbare winkelteksten beloven geen automatische formaatherkenning of zekerheidsscore.
Schijn schuin op het gladde gebied bij het label en schrijf alleen leesbare tekens van beide zijden over. A-1/B-1 en A-3/B-3 kunnen verschillende sneden aanduiden, maar bewijzen geen eerste persing, prijs of echtheid. Gebruik de matrix- en dead-waxgids bij moeilijke inscripties.
Hypothetisch voorbeeld: een 12-inchplaat bevat een extended mix, een instrumental en 45 rpm, terwijl de hoesscan een album met tien nummers op 33⅓ voorstelt. Verwerp dat resultaat, zoek met label en catalogusnummer en bevestig pas wanneer beide zijden kloppen. Dit is een werkwijze, geen echte release.
Vraag vóór bevestiging: kloppen diameter en snelheid? Komen A/B-nummers overeen? Is het catalogusnummer zichtbaar? Zijn de runouts gelezen? Is de hoes origineel? Schrijf bij twijfel: “12-inchkandidaat; runout zijde B onleesbaar.” De catalogusgids en de persingscontrole helpen verder.
Formaat helpt je de juiste plaat te vinden, de snelheid te kiezen en dubbelen te vermijden. Het bewijst geen geluid, waarde of echtheid. Je kunt DiscSnap voor iPhone of Android gebruiken en je eigen foto’s en waarnemingen bewaren.
Opgesteld door het DiscSnap-redactieteam op 29 oktober 2026. De uitleg volgt de gelinkte Discogs-documentatie; app-functies zijn beperkt tot de geraadpleegde openbare winkelteksten. Conceptueel AI-beeld.
Beslis het formaat stap voor stap
Leg diameter, snelheid, tracklijst en verpakking afzonderlijk vast. Een 7-inch is vaak een single, maar kan ook een korte EP zijn. Een 12-inch kan een maxi-single, remix, EP of LP zijn. Meet de plaat en lees rpm op het label; maat alleen bewijst geen snelheid of categorie. Fotografeer beide labels en noteer artiest, catalogusnummer, copyright, versie en zijde. Controleer de tracklijst tegen de hoes, want een vervangende hoes kan een verkeerde plaat bevatten.
Gebruik runouts als ondersteunend bewijs. Schrijf tekens exact over, inclusief streepjes en doorgestreepte tekens, en markeer onleesbare delen met een vraagteken. Een runout bewijst niet automatisch eerste persing, echtheid, waarde of geluidskwaliteit. Koppel hem aan label, land, catalogusnummer en fysieke observatie.
Hypothetisch voorbeeld: een 12-inch met 45 rpm en twee remixes wordt door een coverfoto als een 33⅓-LP voorgesteld. Diameter, snelheid en tracklijst spreken elkaar tegen. Bewaar de albumkandidaat als afgewezen en zoek de maxi-single. Dit is geen echte release of app-test.
Voor je opslaat vraag je: zijn maat en snelheid gemeten, zijn A en B leesbaar, klopt het catalogusnummer, zijn inserts aanwezig en is de runout gecontroleerd? Bij twijfel noteer je “12-inchkandidaat; zijde B onleesbaar”. De catalogusgids en persingscontrole helpen.
Vragen
Kan DiscSnap elk formaat herkennen? Dat is niet aangetoond. De winkelteksten noemen foto-inputs, geen universele formaatherkenning of zekerheidsscore.
Is 12 inch altijd een LP? Nee; snelheid, tracks, versie en label bepalen de kandidaat samen.
Mag ik een onzekere plaat opslaan? Ja, als je haar duidelijk als onzeker markeert en de bronfoto’s bewaart.
Vergelijk muziekdrager en hoes
De hoes is een aanwijzing, geen inhoudscontrole. Kijk of de tracklijst op de achterzijde overeenkomt met wat op beide labels staat. Noteer een edit, liveversie, mono/stereo-vermelding of instrumental apart. Let bij een single op een eventuele promosticker, maar behandel die als aanvullende informatie. Dezelfde afbeelding kan op een LP, maxi-single en heruitgave voorkomen.
Meet en fotografeer zonder schade
Plaats de plaat op een schone binnenhoes en raak alleen de randen aan. Gebruik een niet-glanzende ondergrond en zacht zijlicht. Meet de diameter zonder de plaat over een ruwe tafel te schuiven. Maak eerst een volledig labelbeeld en daarna een close-up van catalogusnummer en rimtekst. Bewaar zijde A en B met dezelfde inventariscode. Een directe flits kan kleine letters wegblazen; een aantrekkelijke foto is niet altijd een bruikbare identificatiefoto.
Leg verschillen vast
Wanneer twee kandidaten bijna gelijk zijn, schrijf je per kandidaat de overeenkomst en het conflict. Bijvoorbeeld: “artiest en titel gelijk; catalogusnummer gelijk; snelheid verschilt; land ontbreekt”. Kies de kandidaat met de meeste fysieke overeenkomsten en laat de rij onzeker als een bepalend veld ontbreekt. Een database-masterpagina, automatische suggestie of vertrouwde hoesnaam vervangt geen fysieke vergelijking.
Voor een dubbelalbum of een 12-inch met meerdere discs controleer je elk label afzonderlijk. Schrijf “disc 1 van 2” wanneer dat op de plaat of hoes staat. Een ongenummerde plaat in een genummerde hoes verdient een aparte notitie. Verwijder nooit een oude kandidaat zonder de reden vast te leggen.
Gebruik een eigen verificatieblad
Maak kolommen voor inventariscode, diameter, snelheid, aantal tracks, A/B-volgorde, label, catalogusnummer, rimtekst, runout, hoes, bronlink en status. De status kan “kandidaat”, “fysiek bevestigd” of “onzeker” zijn. Dit werkblad voorkomt dat een latere app-scan de eerdere observaties overschrijft. Het is ook handig wanneer je meerdere platen tegelijk uit een nalatenschap of marktaankoop onderzoekt.
De uitkomst van formaatcontrole is bescheiden maar nuttig: je voorkomt dat je een korte 45-rpm-uitgave als album catalogiseert en je weet welke volgende bron je moet raadplegen. Ze bewijst geen zeldzaamheid, geluidskwaliteit of waarde. Bewaar die grenzen in de notitie.
Houd je conclusie proportioneel
Een formaatbeslissing hoeft niet verder te gaan dan het bewijs. Je kunt met zekerheid zeggen dat een plaat ongeveer 30 cm meet en op het label 45 rpm vermeldt, terwijl de exacte editie nog onbekend is. Schrijf dan “12-inch, 45 rpm, editie onzeker”. Dat is een sterke catalogusnotitie, omdat ze toekomstige zoekopdrachten richting geeft zonder meer te beweren dan je hebt gezien. Bewaar ook een foto van de meetmethode als het formaat ongebruikelijk is. Controleer na een schoonmaakbeurt opnieuw alleen de tekst die eerder onleesbaar was; verander een catalogusnummer niet omdat een kandidaat waarschijnlijker lijkt. Deze discipline helpt bij winkelvondsten, geërfde dozen en platen waarvan hoes en disc niet bij elkaar horen. Een helder onderscheid tussen vaststaand, waarschijnlijk en onbekend maakt je verzameling betrouwbaarder voor jezelf en voor een volgende eigenaar.
Maak formaatlabels reproduceerbaar
Gebruik steeds dezelfde woorden in je werkblad: 7-inch, 10-inch, 12-inch, rpm, mono, stereo, single, EP, maxi en LP. Voeg een vrije notitie toe wanneer een label een uitzonderlijke beschrijving gebruikt. Schrijf geen “album” als fysieke categorie zonder tracklijst en catalogusbron. Als een plaat geen zichtbare snelheid heeft, laat het veld leeg en zoek niet naar een snelheid die bij het formaat past. Wanneer een scan een kandidaat toont, voeg je de app-bron toe naast je eigen maat- en labelobservaties. Bij een later conflict vergelijk je eerst de fysieke gegevens en daarna de database. Zo kan een andere verzamelaar precies volgen waarom een plaat als single, EP of 12-inch is ingedeeld. De kracht van deze methode is niet dat ze elke obscure uitgave direct oplost, maar dat ze vergissingen klein, zichtbaar en herstelbaar houdt.
Gebruik een formaatbeslisboom
Vraag eerst: welke diameter meet ik, welke snelheid staat op het label, hoeveel tracks staan op A en B en komt de hoes overeen? Alleen wanneer alle antwoorden samen een kandidaat ondersteunen, kies je single, EP, maxi of LP. Noteer afwijkingen in plaats van ze glad te strijken. Deze beslisboom werkt ook wanneer een hoesfoto een verkeerd album suggereert.
Beslis bij ontbrekende snelheid
Wanneer het label geen rpm toont, kijk je naar beide kanten, de hoesbeschrijving en de officiële release-informatie, maar schrijf je de snelheid niet als feit zolang de bronnen botsen. Noteer bijvoorbeeld “12 inch; snelheid niet zichtbaar; kandidaat gebruikt 33⅓ maar niet bevestigd”. Zo kan een latere luister- of broncontrole de rij verbeteren zonder een foutieve snelheid door te geven aan een volgende catalogus. Schrijf bij een twijfelgeval ook op welke informatie wél vaststaat: diameter, leesbare tracks en labelnaam. Een gedeeltelijke maar correcte observatie is bruikbaarder dan een volledig ingevulde kandidaat met een verzonnen snelheid of persing. Bewaar de meetnotitie naast de foto, inclusief gebruikte liniaal en datum. Zo kan een andere verzamelaar controleren of de plaat werkelijk 7, 10 of 12 inch is en of de categorie uit meerdere aanwijzingen volgt. Zo blijft de formaatkeuze navolgbaar wanneer een catalogus later een andere kandidaat toont.